headerleft

Tripod vakantie

Gratis offerte

headerleft
actieve vakantie  
algarve  
ardennen  
autovakantie  
belgie  
brazilie  
bungalow  
duitsland  
egypte  
frankrijk  
gambia  
griekenland  
hotel vakantie  
italie  
kreta  
kroatie  
last minute vakantie  
limburg  
malta  
natal  
nederland  
noorwegen  
oostenrijk  
paardenvakantie  
portugal  
reizen  
ski vakantie  
spanje  
strandvakantie  
swinger  
tenerife  
texel  
toscane  
tsjechie  
turkije  
vakantie aanbiedingen  
vakantie krediet  
vakantie  
vakantieboeken  
vakantiewoningen  
visvakantie  
vliegtickets  
weekendje weg  
wintersport vakantie  
zeeland  
zeilvakantie  
zonvakantie  
Franse kok 17 jaar niet betaald en ...  
Gelijke Behandeling vakantiedagen  
 
 

Welkom op Tripod vakantie,
rubriek vakantiewoningen

 
Op deze site treft u diverse informatieblokken (nieuws) en links aan over vakantiewoningen. Voor meer informatie over vakantiewoningen adviseren wij u de site: online reisverzekeringen te bezoeken.

vakantiewoningen nieuws (1)

Eigen woning

Als eerste eigen woning wordt beschouwd de woning waarin u het grootste deel van het jaar daadwerkelijk woont. Ook woonboten en woonwagens die aan een vaste plek gebonden zijn kunnen als eigen woning aangemerkt worden. Alleen rente op (hypotheek)leningen die aangegaan zijn voor aanschaf, verbetering of verbouwing van deze woning is aftrekbaar (maximaal 30 jaar).

Het eigenwoningforfait (voorheen huurwaardefordait) is het voordeel dat u geniet als eigenaar van een eigen woning. Het eigenwoningforfait is een percentage van de WOZ-waarde van uw woning. Dit bedrag wordt forfaitair vastgesteld. Werkelijke opbrengsten, vaste lasten, onderhoudskosten en afschrijvingen hebben hier dus geen invloed op. De WOZ-waarde wordt eens per 4 jaar door de gemeente vastgesteld. Voor de heffing van 1997 t/m 2000 werd gebruik gemaakt van de WOZ-waarde per 1 januari 1995. Van 2001 t/m 2005 wordt uitgegaan van de waarde per 1 januari 1999. Het eigenwoningforfait geldt alleen voor de woning die als hoofdverblijf dient. Tweede woningen of vakantiewoningen vallen vanaf 2001 in box 3. Over de waarde van deze woningen minus de schuld die betrekking heeft op de woning, betaalt u dan 1,2% vermogensrendementsheffing.

WOZ-waarde van de woning Forfaitpercentage
Tot en met € 12.500 -
€ 12.500 tot en met € 25.000 0,3%
€ 25.000 tot en met € 50.000 0,45%
€ 50.000 tot en met € 75.000 0,6%
€ 75.000 of meer 0,8%
Het eigenwoningforfait is maximaal 8000 euro

Bij een monumentenpand dat als eigen woning dient, worden de kosten, lasten en afschrijvingen als persoonsgebonden aftrek in aanmerking genomen, verminderd met 1,15% van de eigenwoningwaarde volgens de WOZ-beschikking. Deze vermindering bedraagt in 2003 ten minste € 136 en niet meer dan € 11 750.

Kamerverhuur

Voor de inkomsten uit verhuur van een deel van de eigen woning (bijvoorbeeld een of meer kamers) geldt een vrijstelling als aan een aantal voorwaarden is voldaan.

Als aan alle voorwaarden is voldaan, wordt de verhuurde woonruimte aangemerkt als onderdeel van de eigen woning. De bruto-huurinkomsten zijn dan niet belast. De hele eigen woning valt dan onder het eigenwoningforfait. De hypotheekrente die u voor de eigen woning en voor het verhuurde deel van de woning betaalt, is aftrekbaar.


Voorwaarden voor de vrijstelling

De voorwaarden voor de vrijstelling zijn:
  • De bruto-opbrengst van het verhuurde deel (inclusief een eventuele vergoeding voor het gebruik van meubilair, energie en dergelijke) is niet hoger dan € 3.493 per jaar ( in 2003 3595 euro).
  • Het verhuurde deel is een deel van de woning die u zelf als hoofdverblijf bewoont
  • Het verhuurde deel mag geen zelfstandige woning vormen.

  • U en de huurder staan tijdens de hele huurperiode bij de gemeente ingeschreven op het adres van de woning.
Als aan alle voorwaarden is voldaan, wordt de verhuurde woonruimte aangemerkt als onderdeel van de eigen woning. De bruto-huurinkomsten zijn dan niet belast. De hele eigen woning valt dan onder het eigenwoningforfait. De hypotheekrente die u voor de eigen woning en voor het verhuurde deel van de woning betaalt, is aftrekbaar.

Als u niet aan de voorwaarden voldoet, moet u de waarde van het verhuurde deel als een vermogensbestanddeel aangeven bij box 3. Ook een eventuele schuld die betrekking heeft op het verhuurde deel moet u aangeven bij box 3. De (hypotheek)rente voor het verhuurde deel kunt u dan niet aftrekken. De inkomsten uit verhuur hoeft u niet aan te geven.

bron: belastingdienst)

Werkkamer thuis

U mag bijdragen in de inrichtingskosten van een werkkamer, tot maximaal EUR 1.815,- per werknemer per vijf jaar. Let overigens wel op de aanvullende eisen die de wet hierbij stelt.

Werkruimte

Een kleine werkruimte wordt niet beschouwd als het ter beschikking stellen van een vermogensbestanddeel. Er is sprake van een kleine werkruimte als is voldaan aan de volgende twee voorwaarden:
  • de werkruimte geen zelfstandig deel van de woonruimte is;
  • de vloeroppervlakte van de werkruimte niet groter is dan een derde deel van de vloeroppervlakte van de eigen woning waarvan de werkruimte deel uitmaakt.
  • Als de werkruimte niet aan deze twee voorwaarden voldoet, dan zijn de regels voor de terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen van toepassing. Als de werkruimte wel aan deze voorwaarden voldoet, valt dat deel onder de eigen woning.
(bron: belastingdienst)
Aangeboden door: verzekering winkel/Reizen/Reizen htm

vakantiewoningen nieuws (2)

1. Plan/volg cursussen in 2003
Goed opgeleid personeel is noodzakelijk voor een gezonde economie. Dat was voor de wetgever al weer jaren geleden aanleiding de scholingsaftrek in te voeren. Deze fiscale faciliteit dreigt te verdwijnen. Mocht u of uw personeel nog cursussen willen volgen, dan is het fiscaal verstandig dit nog in 2003 te doen. Zo profiteert u in ieder geval nog van de scholingsaftrek. 2. Plan uw investeringen
Bent u van plan op korte termijn aanzienlijk te investeren? Dan is het zinvol na te gaan of u er goed aan doet deze investeringen te spreiden over 2003 en 2004. Zo kunt u optimaal profiteren van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Om voor de KIA in aanmerking te komen, moet u dit jaar voor minimaal 2.000 euro tot maximaal 279.000 euro investeren in (kwalificerende) bedrijfsmiddelen. De hoogte van de aftrek is afhankelijk van de omvang van uw investeringen en varieert van 25 procent tot 3 procent van het investeringsbedrag. Naarmate de investeringen toenemen, neemt de procentuele aftrek dus af. Door de investeringen te spreiden over de jaren, kunt u de hoogste mogelijke investeringsaftrek realiseren. Stel bijvoorbeeld dat u twee investeringen wilt doen van ieder 50.000 euro. Als u ze allebei in dit jaar realiseert, levert dit een aftrekpost op van 16.000 euro. Bij spreiding van de investeringsaftrek over twee jaar bedraagt de fiscale aftrek 22.000 euro. U bespaart belasting over een bedrag van 6.000 euro. 3. Vorm een voorziening
Verwacht u in de komende jaren uitgaven te moeten doen die in feite door de bedrijfsuitoefening in 2003 worden veroorzaakt? Dan kunt u voor deze toekomstige uitgaven een voorziening vormen ten laste van het fiscale bedrijfsresultaat van dit jaar. Als u een dergelijke voorziening al in een eerder jaar had kunnen vormen, maar dit vooralsnog niet hebt gedaan, dan kunt u ook voor deze kosten een fiscale voorziening vormen. Inhalen van oude jaren is dus mogelijk. 4. Zorg voor een herinvesteringsvoornemen
Hebt u als ondernemer een boekwinst behaald bij de verkoop van een bedrijfsmiddel, dan kunt u belastingheffing daarover uitstellen, mits u het voornemen hebt om de boekwinst te herinvesteren. Die herinvestering hoeft geen betrekking te hebben op een vergelijkbare zaak: zo kan de boekwinst die behaald is op een auto worden afgeboekt op de aanschafkosten van de inventaris. Om behaalde boekwinsten onder te kunnen brengen in een herinvesteringsreserve, dient u wel daadwerkelijk het voornemen te hebben om tot herinvesteringen over te gaan. Dat voornemen moet steeds per balansdatum bestaan. Daarom is het zaak om het bewijs ervan al eind dit jaar concreet in te vullen. Als u in 1999 een herinvesteringsreserve heeft gevormd (toen nog vervangingsreserve) dan zult u deze nog voor het einde van dit jaar moeten aanwenden. 5. Ga na of ‘auto van de zaak’ een aantrekkelijker optie is
De fiscale bijtelling voor het privé-gebruik van een auto van de zaak zal in 2004 dalen van 25 naar 22 procent. Wie minder dan 500 kilometer privé rijdt, heeft geen bijtelling. Om deze versoepeling te financieren, is voorgesteld de onbelaste vergoeding voor zakelijke kilometers te verlagen van 0,28 euro naar 0,18 euro per kilometer. Door deze voorgenomen wetswijzigingen zal een auto van de zaak vaker dan voorheen aantrekkelijk zijn. Wilt u dus nog dit jaar een nieuwe auto aanschaffen, dan raden we u aan de optie ‘auto van de zaak’ zeker te overwegen. 6. Let op: overwinst niet aftrekbaar
Er is een nieuwe regeling in de maak die geldt voor iedere huizenbezitter die zijn eigen woning ná 1 januari 2004 verkoopt en eveneens na 1 januari 2004 een nieuwe woning aankoopt. De regeling houdt in dat huiseigenaren die hun woning met winst verkopen, de behaalde overwinst vanaf 2004 niet meer ongestraft kunnen gebruiken voor de aanschaf van een nieuwe auto of vakantiewoning. De ‘bijleenregeling’ bepaalt namelijk dat u de winst die u behaald hebt bij de verkoop van uw oude woning “moet” gebruiken voor de aanschaf van uw nieuwe woning. Laten we een voorbeeld geven. Stel, u bezit een woning met een waarde van 350.000 euro, waarop een hypotheek rust van 200.000 euro. U koopt een nieuwe woning voor 600.000 euro, volledig gefinancierd met een hypothecaire geldlening. Onder het huidige regime zou u de volledige rentelasten fiscaal mogen aftrekken. Onder het voorgestelde regime is de rente over de overwinst (150.000 euro) echter niet meer aftrekbaar. 7. Voer waardedaling vermogensbestanddelen op in Box 1
Als u vermogensbestanddelen ter beschikking stelt aan een BV waarin uzelf of een ‘verbonden persoon’ een aanmerkelijk belang heeft, dan is op dit vermogensbestanddeel het terbeschikkingstellingregime van Box 1 van toepassing. U kunt daarbij denken aan het verhuren van een pand of het lenen van geld aan uw BV. Alle resultaten die u behaalt met de terbeschikkingstelling, zijn belast met progressieve inkomstenbelasting. Hieronder vallen dus niet alleen de reguliere inkomsten, zoals rente en huur, maar ook alle waardeveranderingen van het ter beschikking gestelde vermogensbestanddeel. Als het vermogensbestanddeel dus bijvoorbeeld in 2003 in waarde is gedaald, kunt u dit verlies ten laste brengen van uw progressief belaste inkomen in Box 1. 8. Let op bij verstrekking kerstpakketten
Voor het jaar 2003 kunnen kerstpakketten niet meer belastingvrij worden vergoed aan werknemers. Wél kan de werkgever onder voorwaarden gebruikmaken van de zogenoemde eindheffingregeling. Dit betekent dat de werkgever de verschuldigde loonbelasting volledig voor eigen rekening neemt. De werknemer vindt het kerstpakket dus niet terug op zijn loonstrook.Toepassen van de eindheffingregeling kan aantrekkelijk zijn.Naar bovenBOX II: inkomen uit aanmerkelijk belang 1. Stel uw salaris als dga niet te laag vast
Als directeur-grootaandeelhouder (dga) dient u van uw BV een zakelijk salaris te ontvangen. Hebt u echter een te laag salaris bedongen, dan krijgt u een fictief salaris aangerekend en wordt u daarvoor in de belastingheffing betrokken. U doet er daarom verstandig aan nog dit jaar met uw adviseur te overleggen op welk bedrag uw definitieve salaris over 2003 moet worden vastgesteld. Om zekerheid te verkrijgen, kunt u dit salaris afstemmen met de Belastingdienst. 2. Ken uzelf pensioenrechten toe
Als dga (met meer dan 10 procent van het geplaatste aandelenkapitaal) kunt u bij uw eigen BV een pensioen opbouwen. Dit heet ‘pensioen in eigen beheer’. Door uzelf nog dit jaar pensioenrechten toe te kennen, kunt u de belastbare winst van de BV over 2003 verlagen. De dotatie aan de pensioenvoorziening – inclusief de reservering over de verstreken dienstjaren – kan namelijk in één keer ten laste van de winst worden gebracht. Is de dotatie hoger dan de belastbare winst van 2003, dan kunt u het ontstane verlies terugwentelen met de winst van de voorgaande drie jaren en onbeperkt vooruit wentelen naar toekomstige jaren. 3. Wacht nog even met een dividenduitkering
Op privé-beleggingen is het fiscale regime van Box 3 van toepassing. In deze Box is 30 procent belasting verschuldigd over een fictief rendement van 4 procent. Dit rendement wordt berekend over de gemiddelde werkelijke waarde van het saldo van alle bezittingen min de schulden die in Box 3 vallen. De vermogensheffing kent twee peildata: 1 januari en 31 december. Dit betekent dus dat vermogen dat ná 1 januari binnenkomt in Box 3 voor deze peildatum niet wordt meegenomen. Dit is fiscaal voordelig. Bent u van plan op korte termijn uw BV een aanzienlijke dividenduitkering te laten doen? Dan is het wellicht zinvol hiermee te wachten tot na 1 januari 2004. Zo voorkomt u dat het uitgekeerde dividend op de peildatum tot uw Box 3-vermogen wordt gerekend. In feite komt het erop neer dat het uitgekeerde dividend slechts voor de helft in Box 3 zal worden belast.Naar bovenBOX III: inkomen uit sparen en beleggen Betaal uw belastingschulden vóór het einde van het jaar In Box 3 dient het saldo van uw privé-bezittingen en -schulden als uitgangspunt voor de belastingheffing. Voor belastingschulden is echter een uitzondering gemaakt. Deze mogen niet in mindering worden gebracht op de privé-bezittingen. Door de verschuldigde belasting voor het einde van het jaar te betalen, kunt u alsnog uw Box 3-vermogen verminderen. Zo bespaart u belasting in Box 3.Naar bovenBTW-Tips 1. Bekijk als dga uw BTW-situatie opnieuw
Bent u een dga en ontvangt u salaris uit een vennootschap waarin u rechtstreeks meer dan 50 procent van de aandelen bezit? Dan kunt u met ingang van 26 april 2002 ondernemer voor de BTW zijn. Eind 2002 hebben we dan ook voor veel dga’s BTW-registratie en vaststelling fiscale eenheid aangevraagd. Vanwege grote administratieve achterstanden heeft de Belastingdienst in de meeste gevallen echter nog niets beslist. Is uw BTW-situatie inmiddels gewijzigd, kijk er dan opnieuw naar. 2. Privé-gebruik auto van de zaak: sluit u aan bij de forfaitaire correctie
Stel u hebt voor de aanschaf van uw auto BTW in aftrek gebracht. Dan bent u aan het eind van het jaar 12 procent BTW verschuldigd over de forfaitaire correctie voor de IB. Hebt u geen BTW in aftrek gebracht, dan hoeft u deze correctie niet toe te passen. Hebt u werknemers die in een auto van de zaak rijden, dan moet u BTW betalen over het privé-gebruik. De correctie vindt doorgaans plaats op basis van het werkelijk gebruik, maar u kunt desgewenst ook de forfaitaire correctie voor de IB toepassen. Als een kilometeradministratie ontbreekt, gaat de belastingdienst er namelijk van uit dat de correctie 12 procent BTW over 25 procent van de catalogusprijs bedraagt. Voor bestelauto’s geldt een andere regeling. 3. Denk bij geschenken aan de aftreklimiet
BTW op personeelsverstrekkingen kan niet in aftrek worden gebracht indien per personeelslid meer dan 228 euro per jaar is besteed. Dit geldt ook voor kantinekosten. Als de kantinekosten samen met de overige personeelsverstrekkingen de 228 euro overschrijden, dan dient een correctie op de BTW voor kantinekosten plaats te vinden. De regeling geldt ook voor geschenken aan relaties. 4. Investeringen gedaan? Benoem ze duidelijk
Investeringsgoederen die zowel zakelijk als privé worden gebruikt, mogen naar keuze voor de BTW worden geëtiketteerd. Dus: volledig zakelijk, volledig privé of een mix hiervan. Het recht op aftrek en de verschuldigdheid bij verkoop is afhankelijk van de keuze. De keuze moet duidelijk in de administratie zijn vastgelegd en mag afwijken van de keuze voor de IB. Let op: de regeling geldt niet voor personenauto’s die met BTW zijn aangeschaft. Voor deze groep is slechts keuze tussen volledig zakelijk of volledig privé. Hebt u in 2003 investeringsgoederen aangeschaft, neem dan nog voor de jaarwisseling contact op met ons. Misschien kunt u nog voordeel behalen. 5. Vraag uw BTW terug bij non-betaling
Als u het factuurstelsel voert en vorderingen blijken oninbaar, dan kunt u de afgedragen BTW terugvragen. U moet dan wel kunnen aantonen dat de afnemer niet heeft betaald en dat in de toekomst ook niet gaat doen. Dat is niet altijd eenvoudig. Zorg dus voor goede documentatie of argumentatie. 6. Denk aan de BTW bij niet-betaalde crediteuren
Als u uw crediteuren al langer dan twee jaar niet hebt betaald en BTW hebt teruggevraagd, dan moet u de teruggevraagde BTW alsnog afdragen aan de Belastingdienst. 7. Trek de BTW op gedeclareerde kosten niet af
Als werknemers kosten bij u hebben gedeclareerd, zoals energie- of telefoonrekeningen, dan mag u de BTW daarover niet aftrekken. 8. Geef margeregeling duidelijk aan op uw aangifte
Vermeld op de eerste aangifte van het jaar de correcties aangegeven in het kader van de margeregeling wegens globalisering. Vraag in voorkomend geval direct een beschikking aan voor een negatieve jaarmarge. 9. Denk aan BTW-herzieningen
Verricht u zowel belaste als vrijgestelde prestaties, dan kan het volgende spelen. De BTW die u op aanschaf van investeringsgoederen in aftrek hebt gebracht, wordt bij onroerende zaken nog tien jaar gevolgd en bij roerende zaken vijf jaar. Bij wijziging van de verhouding belast/vrijgesteld moet u soms een deel van de teruggevraagde BTW terugbetalen. Ook kunt u alsnog een aanvullend deel terugvragen op uw laatste aangifte van het jaar. 10. Voorkom een boete
Als blijkt dat u op de periodieke aangiften te weinig BTW hebt betaald en u corrigeert dat pas in het jaar daarop, dan riskeert u een boete van vijf procent. Neem daarom zoveel mogelijk correcties op uw decemberaangifte mee. 11. Informeer uw verhuurder
U mag met BTW huren, als u die BTW voor minimaal 90 procent kunt terugvragen. Hebt u het afgelopen jaar niet aan deze eis voldaan, maar hebt u wel BTW over uw huur betaald, informeer de verhuurder dan daarover. Hebt u een pand gekocht en geopteerd om met BTW te kopen, dan moet u het pand in het jaar van aanschaf en het jaar daarop voor ten minste 90 procent gebruiken voor met BTW belaste prestaties. Blijkt dat niet het geval te zijn, neem dan contact met ons op. 12. Houd rekening met het vervallen van een optie belaste levering
Hebt u een onroerende zaak gekocht met een optie belaste levering? Dan moet u deze uiterlijk in het jaar na het jaar van aanschaf in gebruik nemen. Doet u dat niet, dan vervalt de optie. Dit kan ernstige gevolgen hebben voor de BTW. Neem in dat geval contact met ons op voor advies. 13. Pas uw facturen tijdig aan
Per 1 januari 2004 moeten al uw facturen voldoen aan de nieuwe factuurvereisten. Pas ze dus tijdig aan. Elders in deze uitgave leest u hier meer over. 14. Denk aan de uitbreiding van de Europese Unie
Op 1 mei 2004 krijgt de Europese Unie tien nieuwe lidstaten. Doet u zaken met een van deze landen, dan heeft dit gevolgen voor bijvoorbeeld de BTW, douanerechten en Intrastat-declaraties. Over deze wijzigingen informeren wij u in een volgende editie van Aangetekend actueel. 15. Houd een wijziging van het lage BTW-tarief in de gaten
Bij het uitbrengen van deze nieuwsbrief is het nog niet zeker of het lage tarief voor bepaalde arbeidsintensieve diensten, zoals kappers, schoenmakers en schilders komt te vervallen. Houd de berichten hierover dan ook goed in de gaten.Naar bovenOverige zaken 1. Dien tijdig T-biljet in
Hebt u slechts een deel van het jaar inkomen genoten? Of had u grote fiscale aftrekposten? Dan krijgt u waarschijnlijk belasting terug. Als u niet automatisch een belas-tingbiljet krijgt uitgereikt door de Belastingdienst, kunt u deze belasting alsnog ‘terughalen’ met het T-biljet.
T-biljetten moeten in beginsel binnen drie jaar na afloop van het kalenderjaar zijn ingediend. De termijn voor het indienen van het T-biljet 2000 eindigt dus op 31 december 2003. 2. Benut schenkingsvrijstelling
Schenkingen van ouders aan hun kinderen zijn in 2003 vrijgesteld van belasting tot een bedrag van 4.143 euro. Deze vrijstelling wordt eenmalig verhoogd tot 20.711 euro als het kind minimaal 18 jaar is en maximaal 35 jaar.
Aan uw kleinkinderen kunt u eens in de twee jaar – per tijdvak van 24 maanden – een bedrag van 2.486 euro belastingvrij schenken. 3. Evalueer uw testament
Op 1 januari 2003 is het nieuwe erfrecht in werking getreden. Tevens is de Successiewet ingrijpend veranderd. Dit is dan ook een mooie gelegenheid om uw ‘oude’ testament eens opnieuw tegen het licht te laten houden. Mocht u nog geen testament hebben, aarzel ook dan niet de hulp in te roepen van uw adviseur. Deze kan namelijk beoordelen wat het nieuwe erfrecht voor u voor gevolgen kan hebben.
Aangeboden door: nieuws-over-meubelen.nl en nieuws over verzekeringen
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Terug naar Tripod vakantie